Wat gebeurt er met uw groepsverzekering als u voortijdig overlijdt?

Aanvullende pensioenen staan de laatste weken volop in de belangstelling. Zij maken dan ook deel uit van belangrijke onderhandelingen tussen de sociale partners en de regering. Zo verschenen er enkele artikels waarin men bepaalde gevallen onder de aandacht bracht, waarin erfgenamen geen rechten zouden hebben op de groepsverzekering bij overlijden van een verzekerde vóór pensioenleeftijd.

Wat gebeurt er met uw groepsverzekering als u voortijdig overlijdt?

Opletten bij uittreding

Het risico bestaat vooral als u een UKZT-polis (Uitgesteld Kapitaal Zonder Tegenverzekering van de reserves, hieronder verder beschreven) hebt en u bevindt zich in één van de volgende situaties:

  • U verandert van job en laat de reserves voor uw aanvullend pensioen bij de verzekeringsmaatschappij van uw ex-werkgever staan;
  • U verandert van personeelscategorie (bv. van bediende naar kader);
  • U stopt met werken, maar u neemt het pensioenkapitaal nog niet op;
  • U gaat met brugpensioen voor uw 60ste verjaardag, en u kunt dus het pensioenkapitaal nog niet opnemen.

Als u in die situaties (die in het jargon onder de noemer ‘uittreding’ vallen) als verzekerde in een UKZT niet de nodige maatregelen genomen hebt voor u overlijdt, loopt u inderdaad het risico dat de opgebouwde reserves niet uitgekeerd worden. Opletten is dus de boodschap. Vooral op het moment dat de verzekeringsmaatschappij u bij uittreding een bij wet (met name de Wet op de Aanvullende Pensioenen, kortweg WAP) verplichte brief stuurt waarin u een keuze krijgt tussen verschillende opties voor uw opgebouwde reserves.

Die mogelijkheden zijn eveneens bij wet vastgelegd:

  • U kunt de verworven reserves overdragen naar de pensioeninstelling van uw nieuwe werkgever;
  • U kunt de verworven reserves overdragen naar een pensioeninstelling die de totale winst onder de aangeslotenen verdeelt, in verhouding tot hun reserves , en die de kosten beperkt (zoals geregeld in het Koninklijk Besluit van 14 november 2003);
  • U kunt de verworven reserves naar een zogenaamde onthaalstructuur (een contract speciaal ontworpen voor de overdracht van verworven reserves) van de bestaande pensioeninstelling verplaatsen;
  • U kunt de verworven reserves gewoon laten staan zonder wijziging van de pensioentoezegging.

Indien u niet reageert binnen de 30 dagen na ontvangst van voormelde brief, dan wordt u verondersteld voor de laatste mogelijkheid te kiezen. Die contracten noemt men soms ‘slapende contracten’ en in het geval van een UKZT-contract is er dan meestal geen overlijdensdekking.

UKZT? UKMR? U zegt …?

Bovenvermelde acroniemen slaan op het type contract (in het jargon ‘verzekeringscombinatie’ genoemd). Het merendeel van de bestaande polissen zijn ofwel het eerder vermelde UKZT of het zogenaamde UKMR (Uitgesteld Kapitaal Met tegenverzekering van de Reserves). Hieronder bespreken we kort de voornaamste verschillen en de voor- en nadelen.

Een pensioencontract onder de vorm UKZT gaat in principe gepaard met een overlijdensverzekering, die eveneens door de werkgever betaald wordt. De formule UKZT levert een groter pensioenkapitaal op doordat de verzekeraar rekening houdt met ‘sterftewinst’ die deels ten goede komt van de andere verzekerden door middel van een sterkere kapitalisatie dan andere verzekeringscombinaties. Kort gezegd moet de pensioenkoek in minder stukjes worden verdeeld.

Wanneer iemand uit dienst gaat, en hij/zij kiest er op dat moment niet voor om zijn contract om te vormen door een deel van zijn pensioenkapitaal af te staan in ruil voor een overlijdensdekking wordt er geen kapitaal uitgekeerd aan de erfgenamen. Dit scenario kwam recent ter sprake in de pers.

Een contract onder de vorm UKMR betaalt alle opgespaarde reserves uit bij overlijden. Ook dit wordt dikwijls gecombineerd met een bijkomend kapitaal overlijden dat wegvalt wanneer de persoon uit dienst gaat, maar het spaartegoed wordt bij overlijden altijd uitbetaald. Die formule is het best te vergelijken met een spaarboekje.

Het nadeel is een lager rendement op betaalde premies. Bij een gegarandeerde rentevoet van 1,50% op jaarbasis en een looptijd van 35 jaar (begin op 30-jarige leeftijd en einde op 65-jarige leeftijd) levert een UKZT-contract voor de verzekerde ongeveer 15% meer pensioenkapitaal op dan een UKMR-contract.

De ene combinatie is dus niet persé ‘beter’ of ‘slechter’ dan de andere. Het is een kwestie van belangrijke keuzes: zowel van de werkgever (die, zolang de werknemer in dienst is, doorgaans de premies betaalt) als voor de werknemer (die vooral bij uittreding en pensioen moet opletten wat hij met de verworven reserves doet).

Goede informatie en alertheid op de juiste momenten is cruciaal. Uw gespecialiseerde verzekeringsmakelaar is hierbij uiteraard een prima aanspreekpunt.

Wij zijn er voor u.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief.