Pandemieverzekering: waarop wachten we?

De economische schade die de coronacrisis aanricht is ongezien. Volgens de recentste enquête, die nog dateert van eind juni, daalt de omzet van de Belgische ondernemingen met 17%. Het aantal bedrijven dat in ons land bankroet zal gaan wordt geschat op 16.500. De huidige COVID-19-crisis kostte ons nu al tussen de 10 en 15 miljard aan economische steun.

Vele partijen stonden erbij en keken ernaar. De verzekeringssector toonde empathie door bijvoorbeeld bedrijven in nood een uitstel van betaling te geven of hulpverleners die zich vrijwillig aanmeldden in ziekenhuizen gratis te verzekeren. Maar in tegenstelling tot de banken, slaagden verzekeringsbedrijven er niet in om een echte rol van betekenis te spelen als buffer voor de enorme economische terugval. Met de grootste krimp in Belgische economie sinds Wereldoorlog II aan onze voordeur, is dat niet langer te verantwoorden.

Pandemieverzekering: waarop wachten we?

Solidariteitsmechanisme beschermen

Bedrijven verzekeren zich tegen de risico’s die ze lopen door te ondernemen. De klassiekers zijn verzekeringen tegen arbeidsongevallen, aansprakelijkheid en bedrijfsschade. Maar bedrijven zijn zelden tot nooit verzekerd voor de bedrijfsschade die ze oplopen door COVID-19 – of een andere epidemie of pandemie.

Veruit de meeste Belgische verzekeringspolissen tegen bedrijfsschade bevatten een uitsluiting voor ‘niet-materiële oorzaken’. Concreet betekent dit dat de bedrijfsschade die het gevolg is van directe fysieke schade zoals een brand of een overstroming gedekt is, maar bedrijfsschade door een epidemie niet. Daar is een goede reden voor. De middelen van verzekeraars zijn niet onuitputtelijk en catastrofale risico’s zoals epidemieën, maar ook natuurrampen, nucleaire rampen of terroristische aanslagen, veroorzaken zoveel schade dat verzekeraars meteen financieel door de knieën gaan als ze dit dekken in hun polissen. Dan zouden niet alleen veel bedrijven bankroet zijn, maar het zou ook het failliet betekenen van het belangrijke solidariteitsmechanisme waar de verzekeringssector al jaar en dag garant voor staat.

Terreuraanslagen

We worden er misschien niet graag aan herinnerd, maar in een niet zo ver verleden was het toch anders. Bij de terreuraanslagen in Zaventem in 2016 is er een effectief verzekeringsmechanisme in werking getreden waarvoor de wettelijke basis al in 2007 was gelegd. Terreurdaden met een schade tot 1,3 miljard euro per jaar zijn vandaag in België verzekerd door middel van een privaat-publieke samenwerking tussen de Belgische verzekeringsindustrie en de overheid. De verzekeringssector richtte daarvoor een vzw op, de zogenaamde TRIP (Terror Reinsurance and Insurance Pool). Zowat alle verzekeraars en herverzekeraars in België dekken terreurrisico in solidariteit met elkaar tot 910 miljoen euro schade. Voor de laatste 390 miljoen euro wordt er een beroep gedaan op de Belgische overheid.

Zowel in het maatschappelijk als in het economisch belang van België moet dringend een gelijkaardige oplossing voor epi- en pandemieën uitgewerkt worden. Die zou er in grote lijnen zo uit kunnen zien:

  • Het moet een verzekering zijn die voor alle bedrijven, klein of groot, betaalbaar is.
  • Ze mag geen uitsluitingen bevatten; het kan m.a.w. niet zo zijn dat een griepepidemie wel verzekerd is maar een besmettelijke longziekte niet.
  • De verzekering mag geen aanleiding geven tot concurrentie tussen verzekeraars: de premies en voorwaarden moeten gelijk zijn bij alle verzekeraars.
  • De verzekering wordt standaard verplicht voor bedrijven.
  • De verzekeraars en overheid onderschrijven dit risico in solidariteit met elkaar.

Parametrische verzekering

Als we iets geleerd hebben uit de periode na de terreuraanslagen, is het dat het voor verzekeraars niet eenvoudig was om bij zo’n enorme ramp geval per geval schade af te handelen. Bij voorkeur wordt bij de verzekering tegen epidemieën en pandemiën gekozen voor een zogenaamde parametrische verzekering. Dit wil zeggen dat er een duidelijke drempel is gedefinieerd, die voor iedereen gelijk is, vanaf wanneer er schade wordt uitbetaald. Dat gebeurt vandaag al om de enorme schade van aardbevingen te vergoeden. Concreet in het geval van een pandemie zou deze drempel kunnen zijn het afkondigen van de pandemie door de Wereldgezondheidsorganisatie.

Hoeveel er wordt uitbetaald, moet zo eenvoudig mogelijk bepaald worden. Er zou gewerkt kunnen worden met de terugbetaling van de loon- en exploitatiekosten voor een bepaalde periode, bijvoorbeeld een kwartaal. Op die manier kan er snel geschakeld worden en beschikken verzekerde bedrijven over de broodnodige cash om het hoofd boven water te houden.

Het voorbije half jaar hebben we met scha en schande geleerd hoe moeilijk het is om nieuwe systemen en processen op te zetten in dit land. We moeten ditmaal het warm water niet opnieuw uitvinden. De Belgische verzekeringssector beschikt over een uitstekende infrastructuur voor het organiseren van financiële solidariteit om bedrijven te ondersteunen. Waar wachten we op om deze aan te wenden en zo  toekomstige economische catastrofes te vermijden?

Pedro Matthynssens
Bob Duys
Schrijf u in op onze nieuwsbrief.