Mobiliteit: hoe verzekert u een vloot die almaar vaker stilstaat?

Op een moment dat wagens van telewerkers steeds vaker stilstaan, groeit de vraag of bedrijven hun vloot op de klassieke manier moeten blijven verzekeren. Vanuit de omniumverzekering van personenwagens dienen zich alternatieven aan. Onze verzekeringsexperts Vicky Vandergeeten en Vincent Sandra lichten ze toe in dit artikel.

Mobiliteit: hoe verzekert u een vloot die almaar vaker stilstaat?

In de statistieken van Vanbreda Risk & Benefits is de trend niet te miskennen: in 2020 kenmerkten de eerste lockdownmaanden zich door een forse daling van het aantal schadegevallen met bedrijfsvoertuigen. In het postcoronatijdperk zal tijdelijke werkloosheid weliswaar minder van tel zijn en ook de transportsector vormt een relatief stabiele factor. Daartegenover staat dat de coronacrisis veel bedrijven heeft gestimuleerd om actief na te denken over het mobiliteitsbeleid. Een van de elementen in die analyse is de vaststelling dat bijvoorbeeld telewerk een element wordt dat blijvend het aantal verplaatsingen en dus ook het aantal schadeclaims zal beïnvloeden.

Nieuwe mobiliteit

Het is een evolutie die bedrijven aanzet tot reflectie over hoe ze een meer stilstaande vloot dienen te verzekeren. Ook voor Covid-19 startten HR-afdelingen en fleet managers echter al de denkoefening over de mobiliteit van de toekomst. “De Belg had traditioneel niet enkel een baksteen in de maag, maar ook een bedrijfswagen”, zegt Vicky Vandergeeten. “De nieuwe generatie werknemers kijkt stilaan anders naar mobiliteit: hoe raak ik het snelst van punt a naar punt b? Of dat met een auto of een elektrische deelstep gebeurt, doet er net iets minder toe. Die beweging, die woon-werkverkeer ruimer bekijkt dan de bedrijfswagen, heeft op zich al een impact op de risico’s die u dient af te dekken.”

Omniumvrijheid

Kijken we nu hoe bedrijven specifiek hun vloot van personenwagens verzekeren, dan blijven de mogelijkheden van een omniumverzekering nog vaak onderbelicht. De klassieke formule waarbij bedrijven naast de verplichte BA-verzekering voor schade aan derden, ook de schade aan het eigen voertuig laten verzekeren, wordt verdrongen door andere verzekerings-/financieringsvormen. Het loont om op basis van de schadestatistieken te onderzoeken welke omniumformule de beste oplossing biedt voor een onderneming. “Is het nodig om elke euro schade omnium te dekken? Het kan ook andersom of deels andersom”, stipt Vincent Sandra aan. “In de meest verregaande vorm dekt de onderneming zelf alle schades af die anders onder een omniumdekking zouden vallen. In de praktijk verloopt de afhandeling in zo’n scenario niet via een verzekeraar, maar via de makelaar.”

Alternatief via stop-loss

Bij een dergelijke vorm van risicofinanciering draagt het bedrijf het risico zelf. De solvabiliteit van het bedrijf en de stabiliteit van de schadestatistiek zijn in dat geval bepalende parameters. Tussen de omniumverzekering en een niet-verzekerd plan liggen uiteraard tussenoplossingen zoals een stop-loss verzekering. Vanaf een volume van 200 tot 300 voertuigen biedt dit interessante mogelijkheden. De onderneming draagt in zo’n geval de mogelijke schades tot op een bepaald plafond zelf en laat alle claims boven dat plafond afdekken door een omniumverzekering. “Binnen de gekozen oplossing kan u immers op basis van het risicoprofiel de dekking scherp stellen door bijvoorbeeld enkel hagelschade te verzekeren, voertuigen te verzekeren die op één plaats staan, enzovoort”, legt Vicky Vandergeeten uit. “De focus op oplossingen die goed bij uw bedrijf passen, creëert de besparing binnen de risicofinanciering.

Meer sensibilisering en minder belastingen

“Bij het toepassen van stop-loss merken we bij Vanbreda dat het systeem enkele opvallende effecten genereert”, gaat Vincent Sandra verder. “Het blijkt een positieve stimulans te zijn voor veel bedrijven om zeer actief te gaan nadenken over het beperken van het aantal ongevallen. Denk aan preventie of een bijgestuurde car-policy. Elk uitgespaard ongeval vertaalt zich rechtstreeks in de winstcijfers van de onderneming. Bovendien bespaart uw onderneming ook fiscaal, omdat het geen omnium taxatie van 26,75% dient te betalen voor het bedrag waarvoor u zelf het risico neemt.”

Meer werk voor de fleet manager?

Bij veel fleet managers rijst de vraag of deze aanpak, waarbij het bedrijf zelf meer risico neemt, ook betekent dat hun eigen workload sterk aandikt. In de praktijk verschuift echter het meeste werk van de verzekeraar naar de makelaar en dus niet naar de klant. Online tools zoals VanbredaConnect creëren de mogelijkheid om schades en contracten op te volgen. “Interfaces maken het mogelijk om digitaal over de vlootwijzigingen te communiceren”, legt Vicky Vandergeeten uit. “De fleet manager kan over de schouder van de makelaar meekijken. Gegevens die hij of zij ingeeft, denk aan het wisselen van bestuurders, komen meteen in de tool terecht en vermijden bergen mailverkeer. Ook koppelingen met de fleet software van een onderneming zijn perfect mogelijk. Bovendien ontvangt het bedrijf op regelmatige basis rapporteringen: welke claims werden betaald, wat werd gerecupereerd bij tegenpartijen, wat is de stand van de stop-loss? Het zijn vragen die fleet managers makkelijk beantwoord kunnen zien, waardoor ze ook bij een alternatieve manier van verzekeren het nodige werk uit handen kunnen geven.”

Vicky Vandergeeten
Vincent Sandra

Meer info?

Interesse in meer info of nood aan advies op maat van uw bedrijfsvloot?
Neem gerust contact op met onze collega’s via vicky.vandergeeten@vanbreda.be of vincent.sandra@vanbreda.be

Download ook zeker onze gratis whitepaper over mobiliteit in ons Kenniscentrum.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief.